Blijft één radiator koud, wordt alleen de bovenverdieping niet warm of reageert de hele installatie niet? Controleer eerst de thermostaat, cv-druk en foutcodes. Daarna zijn lucht, een vastzittende radiatorkraan, slechte circulatie, vervuiling of een defecte pomp veelvoorkomende oorzaken.

Kies de situatie die het beste past.
De oorzaak hangt vooral af van hoeveel radiatoren koud blijven en of de cv-ketel wel warmte produceert.
Hogere radiatoren krijgen onvoldoende circulatie.
Vooral de bovenkant van radiatoren blijft koud.
Warm water kan de radiator niet instromen.
Warmte blijft bij de ketel hangen.
De installatie produceert geen warmte.
Doorstroming door radiator of leiding is beperkt.
Thermostaat, ketel, pomp, druk of warmtevraag.
Lokale kraan, lucht, voetventiel of vervuiling.
Lage druk, lucht of onvoldoende inregeling.
Zoneklep, verdeler of onjuiste waterverdeling.
Lucht bovenin of slib onderin.
Pomp, verdeler, groep, klep of aanvoertemperatuur.
Voordat u de installatie onderzoekt, controleert u of de ketel daadwerkelijk een warmtevraag ontvangt.
Zet tijdelijk enkele graden hoger.
Draadloze thermostaat kan uitvallen.
Slimme thermostaat bereikt ketel of ontvanger niet.
Vakantiestand of nachtprogramma kan actief zijn.
De ketel ontvangt geen startsignaal.
Zon, tocht of warmtebron beïnvloedt de meting.
Bij veel woningen ligt de koude druk rond 1,5 tot 2,0 bar. Bij een te lage druk kan de circulatie wegvallen.
Veel ketels vallen uit of geven een storing.
Vaak te laag voor radiatoren bovenin.
Gebruikelijk koud bereik bij veel woningen.
Denk aan lekkage of defect expansievat.
Volg de handleiding en vul rustig.
Laat de oorzaak onderzoeken.
Lucht verzamelt zich op hoge punten en vermindert de doorstroming.
Een klassiek signaal van lucht.
Lucht en water bewegen door de radiator.
Lucht verzamelt zich in hogere delen.
Gebruik een passende ontluchtingssleutel.
Ontluchten kan de cv-druk verlagen.
Mogelijk drukverlies of een ander systeemprobleem.
Na een lange zomer kan de ventielpin vast blijven zitten in de gesloten positie.
Aanvoerleiding kan ook koud blijven.
De interne pin beweegt mogelijk niet.
Laat deze voorzichtig controleren.
Beschadiging kan lekkage veroorzaken.
Bij slijtage of blijvend vastzitten.
Voorkomt dat andere radiatoren alle flow krijgen.
De ketel kan wel warm worden terwijl het cv-water niet door de woning circuleert.
Geen of nauwelijks circulatie.
Lagers, lucht of blokkade kunnen de oorzaak zijn.
Warmte wordt onvoldoende afgevoerd.
Er wordt geen warmte verplaatst.
Slechte circulatie kan pendelen veroorzaken.
Pomp en aansturing vragen technische meting.
Wanneer radiatoren dichtbij de ketel veel water krijgen, kunnen andere radiatoren koud blijven.
Ze nemen te veel doorstroming.
Er blijft onvoldoende water over.
Verdeling over de installatie is ongunstig.
Hiermee wordt de flow per radiator begrensd.
Aanvoer en retour helpen bij afstelling.
Goede inregeling verbetert comfort en verbruik.
Zwart cv-water en een koude radiatoronderkant wijzen vaak op vervuiling.
Warmte bereikt het onderste kanaal niet.
Magnetiet en corrosieproducten zijn aanwezig.
Doorstroming is vernauwd.
Vuil verhoogt weerstand.
Kan veel magnetiet verzamelen.
Herstelt doorstroming bij ernstige vervuiling.
Geen circulatie door de groepen.
Eén zone blijft koud.
Doorstroming valt gedeeltelijk weg.
De vloer ontvangt onvoldoende temperatuur.
Zone opent niet bij warmtevraag.
Vervuiling beperkt de flow.
Maak een duidelijke warmtevraag.
Noteer meldingen op display.
Vergelijk met de handleiding.
Bepaal of warmte de installatie verlaat.
Sluit een verkeerde instelling uit.
Boven koud, onder koud of volledig koud.
Werk systematisch door de woning.
Vul indien nodig veilig bij.
Bepaal waar circulatie stopt.
Laat de installatie professioneel controleren.
Dit lost geen circulatieprobleem op.
Kan een lekkage of expansievatprobleem maskeren.
Kan lekkage veroorzaken.
Verstoort de waterverdeling.
De installatie kan daarna te weinig druk hebben.
Alleen gebruiken na correcte diagnose.
Elektrische en hete onderdelen zijn aanwezig.
De onderliggende oorzaak blijft bestaan.
Als basiscontroles niet helpen, is gerichte diagnose sneller en veiliger.
De prijs hangt af van de oorzaak en benodigde werkzaamheden.
Controle van ketel, druk, pomp en radiatoren.
Bij lucht en lage druk.
Bij een vastzittend of defect ventiel.
Voor een betere warmteverdeling.
Bij slib en vervuiling.
Bij technische circulatieproblemen.
Bij ontbrekende warmtevraag.
Verdeler, pomp, actuator en groepen.
Laat thermostaat, cv-druk, pomp en waterverdeling controleren wanneer ontluchten en bijvullen niet helpen.
Antwoorden over cv-druk, lucht, radiatorkranen, pompen, slib en vloerverwarming.
Veelvoorkomende oorzaken zijn een te lage cv-druk, lucht in de installatie, een vastzittende radiatorkraan, een defecte circulatiepomp, een cv-storing of een verkeerd ingestelde thermostaat.
Controleer de thermostaatstand, foutcode van de ketel, cv-druk en of de radiatorkranen openstaan.
Bij veel woningen ligt de koude druk rond 1,5 tot 2,0 bar. Raadpleeg altijd de handleiding van de ketel.
Ja. Vooral radiatoren op hogere verdiepingen kunnen dan onvoldoende water krijgen.
Denk aan een cv-storing, thermostaatprobleem, lage druk, defecte pomp of geen warmtevraag.
Dan zit de oorzaak meestal lokaal bij de radiatorkraan, het voetventiel, lucht, vervuiling of inregeling.
Een koude onderkant wijst vaak op slib, vervuiling of slechte doorstroming.
Een koude bovenkant wijst vaak op lucht en kan door ontluchten verbeteren.
Mogelijke oorzaken zijn lage druk, lucht, slechte inregeling of onvoldoende pompcapaciteit.
Controleer zonekleppen, verdeler, radiatorkranen en de waterzijdige inregeling.
Ja. De pin onder de thermostaatknop kan vastzitten waardoor geen warm water door de radiator stroomt.
Verwijder alleen de knop wanneer u weet hoe dit veilig kan en controleer of de ventielpin voorzichtig beweegt.
Ja. Lucht vermindert de doorstroming en warmteafgifte.
Bij borrelende geluiden of een koude bovenkant is ontluchten een logische eerste stap.
Controleer de cv-druk. Is deze te laag, vul dan volgens de handleiding bij.
Ja. Dan wordt warm water niet goed door de installatie verplaatst.
De ketel wordt warm maar leidingen blijven koud, er is weinig circulatie of de pomp maakt ongewoon geluid.
Ja. De ketel ontvangt dan mogelijk geen warmtevraag.
Controleer batterijen, verbinding, programma, ingestelde temperatuur en eventuele foutcodes.
Ja. Verkeerde instellingen, verbindingsproblemen of een defect relais kunnen warmtevraag blokkeren.
Mogelijk zijn radiatoren te klein, de watertemperatuur te laag, de installatie niet ingeregeld of is er veel warmteverlies.
Ja. Het verdeelt de waterstroom beter over radiatoren en verdiepingen.
Dit is de retourafsluiter van een radiator waarmee de doorstroming wordt ingesteld.
Ja. Zonder retourstroom kan er geen warm water door de radiator circuleren.
Mogelijke oorzaken zijn lucht, een dichte groep, defecte pomp, vastzittende klep, lage aanvoertemperatuur of een probleem met de verdeler.
Ja. Magnetiet en vuil kunnen radiatoren, ventielen en pomp vernauwen.
Een koude radiatoronderkant, donker cv-water en slechte doorstroming zijn typische signalen.
Bij vervuiling kan professioneel spoelen de doorstroming herstellen.
Indirect wel. Grote drukschommelingen kunnen leiden tot waterverlies, lage druk en storingen.
Denk aan een lekkage, expansievat, overstortventiel of intern ketelprobleem.
Ja. Waterverlies verlaagt de systeemdruk.
Dit kan komen door slechte circulatie, te weinig waterinhoud, verkeerde instellingen of een defect onderdeel.
Ja. Bij lage instellingen kunnen radiatoren lauw blijven en de woning onvoldoende opwarmen.
Dan kan een radiatorkraan of voetventiel dichtzitten of de radiator intern verstopt zijn.
Er is mogelijk geen warmtevraag, de ketel staat in storing of de pomp circuleert niet.
Ja. In installaties met zones kan een defecte klep één deel van de woning koud houden.
Bij foutcodes, terugkerend drukverlies, een defecte pomp, koude hele woning of wanneer ontluchten en bijvullen niet helpen.
Dat hangt af van de oorzaak: een eenvoudige instelling is goedkoper dan pomp-, klep- of leidingherstel.
Bij vorst, kwetsbare bewoners, lekkage of volledig uitgevallen verwarming kan snelle hulp nodig zijn.
Laat de installatie onderhouden, controleer druk, ontlucht waar nodig en laat de installatie goed inregelen.
Diagnose voor één koude of gedeeltelijk warme radiator.
Verwijder lucht veilig uit de installatie.
Controleer of de systeemdruk correct is.
Vul de installatie veilig tot de juiste druk.
Onderzoek terugkerend water- en drukverlies.
Bekijk foutcodes en uitval van de cv-ketel.
Herken drukschommelingen en waterverlies.
Controleer verdeler, leidingen en drukverlies.
Een gerichte diagnose maakt snel duidelijk of het probleem bij ketel, druk, pomp, radiator of vloerverwarming zit.