Staat de druk van uw cv-ketel te laag of geeft de ketel een melding? Bij veel installaties kunt u zelf veilig bijvullen. Gebruik de juiste vulkraan, vul de slang eerst met water en stop bij de aanbevolen koude druk.

Kies wat het beste bij uw situatie past.
Bij veel woningen ligt de aanbevolen koude druk rond 1,5 tot 2,0 bar.
Bij veel installaties te laag en vaak reden om bij te vullen.
Gebruikelijk koud drukbereik.
Mogelijk te veel gevuld of probleem met expansievat.
Veiligheidsventiel kan openen.
Laat lekkage of defect onderdeel onderzoeken.
Volg handleiding en vul alleen veilig bij.
Schoon en met passende koppelingen.
Voor restwater en kleine druppels.
Voor vulpunten en adviesdruk.
De druk moet zichtbaar blijven.
Zorg voor voldoende ruimte.
Meet bij voorkeur koud.
Volg de volgorde rustig en controleer steeds of alles droog blijft.
Laat ketel en radiatoren afkoelen.
Noteer de koude druk.
Gebruik de handleiding.
Draai passend vast.
Voorkom lucht in systeem.
Leg een doek klaar.
Volg de handleiding.
Vul rustig.
Vaak 1,5 tot 2,0 bar.
Controleer op druppels.
Vang restwater op.
Controleer daarna opnieuw de druk.
Werk verdieping voor verdieping omhoog.
Open voorzichtig.
Sluit bij een gelijkmatige waterstraal.
Ontluchten kan druk laten dalen.
Herstel de koude adviesdruk.
Radiatoren moeten egaal warm worden.
De druk is dan minder betrouwbaar.
Brengt lucht in de installatie.
U schiet voorbij de adviesdruk.
Niet elke kraan onder de ketel is een vulkraan.
Kan lekkage veroorzaken.
Sluit beide kranen eerst.
Maskeert lekkage of expansievatprobleem.
Na ontluchten kan druk lager zijn.
Een gesloten installatie hoort nauwelijks water te verliezen.
Een klein lek laat de druk dalen.
Grote drukschommelingen warm en koud.
Water wordt bij hoge druk afgevoerd.
Water verdwijnt in of via de ketel.
Verdeler, koppeling of leidinglus.
Waarde klopt mogelijk niet.
Na ontluchten daalt druk.
Water verdwijnt in vloer of wand.
Bij deze signalen is onderzoek verstandiger.
De prijs hangt af van tijdstip, regio en of ook diagnose of reparatie nodig is.
Eerste inschatting op basis van ketel en foutcode.
Controle van druk en zichtbare lekkages.
Bij sterke drukschommelingen.
Afhankelijk van locatie en bereikbaarheid.
Wanneer de drukwaarde niet logisch reageert.
Buiten reguliere uren mogelijk.
Steeds opnieuw bijvullen is geen blijvende oplossing.
Bij veel installaties wanneer de koude druk onder ongeveer 1,0 bar komt of de ketel een melding voor lage waterdruk toont.
Bij een koude installatie ligt de druk bij veel woningen rond 1,5 tot 2,0 bar.
Ja, wanneer de installatie is afgekoeld, de vulpunten duidelijk zijn en u de handleiding volgt.
Zet de thermostaat laag en laat de installatie afkoelen. Volg de ketelhandleiding.
Zo voorkomt u dat u onnodig veel lucht in de cv-installatie brengt.
Stop bij de aanbevolen koude druk, vaak rond 1,5 tot 2,0 bar.
De druk kan tijdens opwarming te hoog worden en het overstortventiel kan water lozen.
Bij ontluchten ontsnapt lucht en soms een kleine hoeveelheid water.
Een goed werkende gesloten installatie hoeft normaal niet vaak te worden bijgevuld.
Dat kan wijzen op lekkage, een defect expansievat, een lekkend overstortventiel of een intern ketelprobleem.
Ja, zelfs een kleine lekkage bij een kraan, ontluchter of koppeling kan drukverlies geven.
Ja, vooral bij grote drukschommelingen tussen koud en warm.
Bij veel installaties is 1 bar aan de lage kant.
Bij een warme installatie kan dit voorkomen, maar koud is het vaak aan de hoge kant.
Er kan nog lucht aanwezig zijn, de druksensor kan defect zijn of er speelt een andere storing.
Dat wordt meestal afgeraden omdat de druk dan minder betrouwbaar te beoordelen is.
Vaak onder de ketel, bij een radiator of in de buurt van een wateraansluiting.
Waarschijnlijk zit er nog lucht in de installatie.
Nee, u moet de druk kunnen volgen om overdruk te voorkomen.
De installatie is mogelijk te vol of het expansievat werkt niet goed.
Alleen wanneer de handleiding of foutcode dat aangeeft.
Ja, vooral wanneer de waarde onlogisch springt of niet reageert op vullen.
Bij snel drukverlies, lekkage, druk richting 3 bar of onduidelijke vulpunten.
Ja, veel vers water kan corrosie en kalkaanslag versnellen.
Ja, via een verdeler, koppeling of verborgen leidinglus.
Dat wijst mogelijk op een actieve lekkage of defect onderdeel.
Ontlucht vooral radiatoren met borrelende geluiden of koude plekken.
Er komt een gelijkmatige waterstraal uit de ontluchter en radiatoren worden egaal warm.
Bij correct gebruik meestal niet, maar te hoge druk of verkeerde aansluitingen kunnen schade veroorzaken.
Dat hangt af van voorrijkosten, tijdstip en of ook diagnose of reparatie nodig is.
Welke druk normaal is.
Waarom druk steeds daalt.
Interne en externe lekkage.
Herken sterke drukschommelingen.
Lucht, druk en circulatie.
Klein lek veroorzaakt drukverlies.
Foutcodes en uitval.
Controleer druk en storing.
Bij twijfel over de vulkraan of terugkerend drukverlies kan een vakman de installatie veilig controleren.